WSN
Werkgroep Slechtvalk Nederland
HOME
DE SLECHTVALK
LIVE BEELDEN
DE WERKGROEP
OUDE BEELDEN
WAARNEMINGEN
LINKS
English
ENGLISH

 Falco peregrinus - de Slechtvalk

Uiterlijk
De Slechtvalk is een forse valk met een krachtig lichaam, lange spitse vleugels en een relatief korte staart. De bovenzijde is blauwgrijs bij adulten en bruin bij juvenielen. De borst is licht met donkere vlekken/streepjes. Bij juvenielen zijn dit langere lengtestrepen. De kop is scherp getekend, met een duidelijke afgeronde baardstreep op een witte wang. Het vrouwtje is duidelijk groter dan het mannetje. De spanwijdte van het vrouwtje is 110-114 cm, die van het mannetje 87-100 cm. De lengte loopt uiteen van 37-50 cm. De vleugelbewegingen van de Slechtvalk zijn wat stijf en niet erg diep, meestal uitgevoerd vanuit de schouder. De andere grote valken - Giervalk, Lannervalk en Sakervalk - hebben een elastischer vleugelslag, meestal met de hand uitgevoerd.

Voorkomen
In Nederland was de Slechtvalk in de vorige eeuw een uiterst schaarse broedvogel. Broedgevallen waren bekend van bijvoorbeeld Schiermonnikoog in het begin van die eeuw en van de Veluwe waar rond 1975 een broedpaar werd vastgesteld. In 1990 vestigde zich een broedpaar in Limburg en in 1996 volgde een tweede paar. De jaren daarna groeide het aantal paren steeds sneller en in 2012 werd de Nederlandse Slechtvalk populatie geschat op ca. 120 paren.

Het plaatsen van nestkasten op geschikte plaatsen, zoals electriciteitscentrales en andere hoge gebouwen heeft zeker bijgedragen aan deze snelle ontwikkeling. Een geweldig succes dus!
Maar steeds vaker vinden valken ook meer natuurlijke broedplaatsen zoals op duinen en zandplaten langs de kust en in kraaiennesten op hoogspanningsmasten en in bomen.

grafiek
Silhouet


De totale Europese populatie wordt geschat op 10.000 - 11.000 broedparen, waarvan bijna 25% in Spanje huist.
Ondanks regelmatige vervolging door nestplunderaars en schietende jagers en duivenmelkers hield de Slechtvalk goed stand. Vanaf de jaren '50 ging het echter hard achteruit met de Slechtvalk. In het begin van de jaren '60 ontdekte men dat de oorzaak lag in het gebruik van pesticiden, m.n. DDT. Het gebruik van veel van deze chemicaliën werd daarna verboden, waarna de achteruitgang langzaam tot stilstand kwam. In de hierop volgende decennia is er sprake van een langzame groei van het aantal valken.
In de winter wordt de Nederlandse populatie aangevuld met ca. 50-100 trekvogels uit Scandinavië en Duitsland. De Midden-en West-Europese juvenielen zijn vooral zwerfvogels, de adulte vogels blijven veelal in het broedgebied. Vooral het mannetje blijft in de buurt van het nest.

Habitat
De Slechtvalk stelt slechts bescheiden eisen aan zijn leefgebied; een goed voedselaanbod (vogels) en een veilige broedplaats. Deze broedplaats is vaak aan steile rotswanden en in onze omgeving op hoge gebouwen. Maar Slechtvalken kunnen ook in hoge bomen of op de grond broeden in gebieden waar steile rotswanden ontbreken. De valk heeft graag een vrije aanvliegroute tot de nestplaats. Verder vereist de jachtwijze een open landschap. Het is bepaald geen bosvogel.
De meeste valken broeden voor het eerst wanneer ze 2-3 jaar oud zijn. De paren schijnen hun leven lang bij elkaar te blijven, maar, zoals we gezien hebben bij 'De Mortel', kan een indringer één van de echtelieden verdringen en vervangen. Het 'huwelijk' blijft dus niet altijd bestaan zonder slag of strijd. Eind maart-begin april worden de 3-4 roodbruine eieren gelegd. Zowel vrouwtje als mannetje broeden de eieren uit in 29-32 dagen. De jongen blijven 35-42 dagen in het nest, maar dan duurt het nog ca. 2 maanden voordat de jongen zelfstandig kunnen overleven.

Voedsel en Jachtwijze
Een Slechtvalk eet bijna alleen maar vogels. Er is een voorkeur voor duiven, maar eigenlijk bepaalt het aanbod in de biotoop waarin hij zich bevindt welke vogels gegeten worden. In Midden-Europa zijn ruim 200 soorten geteld als prooidier van deze jager, van de kleinste soorten tot vogels als Blauwe Reiger of Aalscholver.
In alle stukken over de Slechtvalk wordt gewag gemaakt van de ongelooflijke snelheden waarmee deze vogel jaagt; snelheden tot wel 320 km/uur! De valk bereikt deze snelheden door zich van grote hoogte in duikvlucht naar beneden te storten. Dit doet hij om een zwerm vogels uiteen te jagen, waarna hij één van de verwarde vogels achtervolgt en slaat.

Slechtvalk in vlucht

Een variatie hierop is de techniek waarbij na de duikvlucht overgegaan wordt in een razendsnelle horizontale vlucht vlak boven het terrein. De Slechtvalk veroorzaakt hiermee grote paniek bij foeragerende vogels, waardoor hij een vogel kan slaan, direct of na een spectaculaire achtervolging.
De aanval wordt vaak begonnen vanaf een uitkijkpunt. Is de prooi bepaald dan vliegt de valk naar hoogte en maakt hij snelheid. Vliegend met een krachtige vleugelslag en hoge snelheid wordt de prooi overrompeld. Soms neemt de valk meer tijd en achtervolgt hij de prooi over grote afstand. De prooi wordt hierbij zo uitgeput dat de valk het slachtoffer uiteindelijk kan overmeesteren. De prooi wordt meegenomen in de klauwen en vaak begint de Slechtvalk in de vlucht al aan de maaltijd.


Bron: Roofvogels van Nederland - Benny Génsbøl, Bjarne Bertel, bewerking Ger Meesters - KNNV Uitgeverij 2007.

WERKGROEP SLECHTVALK NEDERLAND - CONTACT